U bevindt zich hier: Artikelen Hein de Haan

Ons Hemels DNA

In zijn uitdagende lezing voor de leerlingen theologie beschrijft John Lynch een prachtig voorbeeld van een rups en een vlinder om onze identiteit in Christus duidelijk te maken.

Als we een rups bij een bioloog zouden brengen met de vraag om zijn DNA te omschrijven, dan zou die bioloog het volgende zeggen: ‘Ik weet dat hij op jou overkomt als een rups, maar volgens elk uitgetest DNA onderzoek is dit volledig een complete vlinder.’

Wow! Gods schakeling binnen in dit schepsel dat in geen enkel opzicht lijkt op een vlinder, geeft toch een perfecte complete vlinderidentiteit weer. Omdat die rups in essentie al alles van een vlinder in zich bezit zal het op een dag ook de uiterlijke symptomen en het gedrag gaan vertonen van een vlinder.
De rups verandert dus in datgene wat in wezen al waar over hem is. Zo is het ook met ons!

Als we ondertussen naar die rups zouden schreeuwen om zich meer als een vlinder te gaan gedragen zou dat alleen het gehoor van die rups maar schaden.

God heeft ons het DNA van godsvrucht geschonken. We zijn heiligen en rechtvaardigen. God zegt dat Hij weet wat ons DNA zegt. Hij weet wie we zijn! Geloof jij dat ook? Wie dit daadwerkelijk gelooft gaat daar ook in staan. En dat verandert je concreet!

Zie je die rups al allemaal sprongetjes maken om de wijde wereld in te vliegen? Nee! Hij houdt zich bezig met zijn buikje rond en vet te eten.

Moet Hij dan niet klaar zijn om straks ook echt wel die wereld in te vliegen. O ja! Daarom geniet hij nou juist zo van het voedsel dat hij aangereikt krijgt. Hij groeit vanzelf in datgene wat hij feitelijk al is, die vlinder.

Onze identiteit in Christus maakt dat we al heilig zijn. We kunnen wel allerlei inspanningen verrichten om te proberen heilig te leven. Behalve dat het uitermate frustrerend is omdat elke eerlijke gelovige tot de slotsom moet komen dat het niet lukt, is het ook nog eens uitermate belachelijk om iets te proberen te zijn wat je allang bent.

Onze identiteit in Christus maakt dat God een plezier in ons heeft. Hij zegt: ‘Dat is Mijn Zoon in Wie ik een welbehagen heb’. Als we nu heel hard aan het werk gaan om te proberen God een plezier te doen, is dat opnieuw uitermate frustrerend. Bovendien is het gewoon regelrechte onzin om iets te proberen te worden wat we allang zijn.

Iemand kan ons oproepen om meer op Christus te gaan lijken. Men kan met een kamp aankomen waarin jongeren zich trainen in meer Christus gelijkvormigheid. Men kan schreeuwen: ‘Ja! Ja! Je kunt het! Geloof dat je het kan voor God!’ Uitermate vermoeiend en schadelijk voor onze geestelijke oren. Christus zelf werkt Zijn leven in ons. Wie kan beter lijken op Hemzelf dan Hijzelf?

We zijn één gemaakt met Christus in Zijn sterven, één met Hem in het graf, samen met Hem opgewekt en samen met Hem gezet in de hemelse. Hij heeft Zijn DNA op ons gedrukt. Dus leef ik niet meer, maar leeft Christus in mij. Uiterlijk hebben we wellicht niets weg van Christus, maar in essentie is alles aan Zijn DNA ons DNA geworden.

Als we straks overgaan van rups naar vlinder, dan zal het ook lichamelijk zichtbaar komen.
1 Corinthe 15: 42 Er wordt opgewekt in onvergankelijkheid;
1 Corinthe 15: 43 Er wordt opgewekt in heerlijkheid;
1 Corinthe 15: 43 Er wordt opgewekt in kracht.
1 Corinthe 15: 44 Er wordt een geestelijk lichaam opgewekt.

Daar vliegt die vlinder uit. We zullen delen in Christus heerlijkheid. Dat staat nu al vast in onze identiteit in Christus, ons hemels DNA.

Als u wilt reageren kunt u rechtsonder op 'CONTACT' klikken.

Startpagina // Volgende