U bevindt zich hier: Artikelen Hein de Haan

Knock-out

Soms komen op de meest onverwachte momenten plotseling herinneringen bovendrijven van heel vroeger.

Ik zal zo’n dertien, veertien jaar oud zijn geweest toen ik samen met mijn ouders en twee nichtjes, die bij ons logeerden, naar het Amsterdamse bos ging. Ik weet het nu niet meer terug te vinden, maar er was een vijver waar we met zijn allen, op mijn moeder na, het water ingingen.

Ik was in elk geval zo oud dat ik eigenlijk nog niet kon zwemmen. Ik bleef daarom aan de kant wat badderen. Plotseling kwam er uit het midden van de vijver een gil van mijn vader: ‘Fennie! Fennie!!!’

Door de één of andere oorzaak was mijn vader bezig te verdrinken. Proestend bovenkomend schreeuwde hij uit alle macht om de aandacht van mijn moeder te trekken. Moeder keek op en begon te wuiven naar mijn vader: ‘Ja, prachtig Paul! Ja, ik zie het wel!’

De ernst van de situatie ontging mijn moeder totaal.

Mijn oudste nicht, Rina, had wel door wat er gebeurde en die was zo snel mogelijk naar mijn vader toe gezwommen en sleurde hem zo goed en zo kwaad als het ging met zich mee. Veilig en wel kreeg ze vader aan de kant, waar we met zijn allen hem op de wal trokken.

Vader heeft altijd al heel veel last van spataderen gehad en die waren in het koude water veel te snel afgekoeld waardoor er een totale verkramping in de benen optrad.

Ondanks veel ongecontroleerde bewegingen was het voor vader onmogelijk geworden om zich boven water te houden.

Het was aan de tegenwoordigheid van geest en ook wel aan de kracht van mijn nicht te danken dat zij, ondanks alle tegenwerkingen van vader, hem veilig aan land wist te krijgen. Ze zei: ‘Ik stond op het punt om hem knock-out te slaan. Hij zat me zo in de weg met al zijn gekronkel’.

Mijn nicht Rina was hier overduidelijk actief als de redster van mijn vader. Koste was kost wilde ze het leven van mijn vader redden. Als dat betekende dat hij daarvoor knock-out geslagen moest worden, dan ging ze daarvoor.

Dat is nou echt enigszins een plaatje van Christus, de Redder.

Johannes 4:42 Deze [Christus] is werkelijk de Redder van de wereld.
1 Timotheus 4:10 De levende God, die een Redder is van alle mensen,
1 Johannes 4:14 De Vader heeft de Zoon gezonden als Redder van de wereld.

Ik heb Christus in het verleden, zo vaak volkomen ten onrechte, voorgesteld als de reddingsboei die wel in het water wordt gegooid om de mens te redden, maar die in zichzelf onmachtig is om dat reddingswerk uit te voeren. De drenkeling moet zichzelf met die reddingsboei redden. Wat moet Christus dan wel een onmachtige Redder zijn als dit waar is!

Stel dat de reddingsbrigade uitvaart om drenkelingen te redden die in de branding dreigen om te komen en ze zouden naar de plek toe varen om hen reddingsboeien toe te werpen. Ze kijken toe hoe die mensen onmachtig zijn om de boei te grijpen en laten hen verdrinken. Aan land gekomen verklaren ze aan de pers dat zij de redders zijn van deze drenkelingen.

Als dan aan hen gevraagd wordt waar deze geredde drenkelingen zijn, verklaren ze dat die helaas de boei niet gegrepen hebben. Die nepredders zouden zo op staande voet ontslagen worden en misschien zelfs wel een heel juridisch proces aan de broek krijgen omdat ze hen hadden kunnen redden, maar het niet gedaan hebben.

Die evangelische christus, die als reddingsboei wordt toegeworpen, moeten we maar snel vergeten.

Christus is de Redder van alle mensen. Hij is de Redder van de wereld. Hij gaat tot het uiterste om ons te redden. Eventueel met een grandioze knock-out! Dat is een heerlijke boodschap van genade!

1 Corinthe 15:22 Evenals in Adam allen sterven, zo zullen ook in Christus allen levend gemaakt worden.

Als u wilt reageren kunt u rechtsonder op 'CONTACT' klikken.

Startpagina // Volgende