U bevindt zich hier: Artikelen Hein de Haan

Angst Voor God

‘Jij preekt ook altijd over genade’.
Ik krijg dat nogal eens te horen. Misschien wel als verwijt, maar zo voel ik het niet.
Inderdaad, genade is mijn ding. Ik weet gewoon niets anders dat zo te gek is.

Godsdienst heeft iets anders dat haar ding is. Er is één iets dat telkens weer terugkomt bij godsdienst. Angst voor een toornende God. Een God die klaar staat om met donder en bliksem te oordelen. Elke fout weet Hij te vinden en heeft daar ook een toepasselijke uitvinding voor: de hel.

Angst is het ding van godsdienst.

Genesis 3: 10 Toen ik uw geluid in de hof hoorde, werd ik bevreesd,
De eerste vermelding van angst in de Bijbel. De beloning van de kennis van goed en kwaad dat de mens had gekregen. Het allereerste ethisch reveil heeft angst voor God tot gevolg.

Voordat de mens van de boom van kennis van goed en kwaad had gegeten maakte hij elke dag een wandeling met God. Wat een heerlijk intiem genot. Nu kwam God weer om zo’n intieme wandeling met de mens te maken. Voor God was daar echt helemaal niets in veranderd.

Genesis 3: 8 Toen zij het geluid van Yahweh Elohim hoorden, die in de hof wandelde in de avondkoelte, verborgen de mens en zijn vrouw zich voor Yahweh Elohim tussen het geboomte in de hof.

Godsdienst baseert zich op haar kennen van goed en kwaad. Godsdienst oordeelt over haar eigen en andermans daden. Godsdienst kent normen en waarden. Ook al was er bij God niets veranderd en kwam Hij opnieuw voor het genot van een wandeling met de mens.

Het denken van de mens was veranderd. De mens was vervuld met angst voor God en verborg zichzelf. Hij zag God al razend binnenstormen: ‘Deze misstap moet uitgewoed worden!’. Wat zat de mens ernaast. God kwam voor Zijn dagelijkse wandeling het gezelschap van de mens zoeken.

Wat zou er gebeurd zijn als de mens vanuit zijn schuilplaats al roepende naar God toe gerend was: ‘God help me, ik heb het verknald!’ Wat denk je? Wat zal er gebeurd zijn? Als je toch een beetje die God van alle genade kent.

Vanaf dit moment is het plaatje dat godsdienst van God geeft een verwrongen karikatuur. Voortaan smeert het zijn eigen schuldgevoel en zelfveroordeling op het gelaat van God. De zonde veranderde God niet. Het veranderde de mens.

Dankzij de kennis van goed en kwaad, het ethisch bewustzijn, kan godsdienst God alleen nog zien als een straffende Rechter die allereerst en vooral geïnteresseerd is in ons gedrag.

De mens heeft totaal het besef verloren dat onze God een liefdevol Vader is die bezorgd is over ons welzijn.

Heel wezenlijk en Bijbels is de wetenschap dat God beslist niet de zonde haat vanwege haar morele gevolgen. God haat de zonde om datgene wat het met de mensen doet die Hij liefheeft! Wat doet het namelijk met hen?
Zij kunnen God hierdoor niet meer anders zien dan als een wettische Persoonlijkheid die hun gedrag nauwkeurig ontleedt om elke misser te kunnen veroordelen.

Godsdienstig wettisch denken gaat ervan uit dat er maar één afdoend antwoord is op zonde. Veroordeling en straf. Volgens religie kan niets anders de mens tot een positief leven leiden.

2 Corinthe 5:14 De liefde van Christus dringt ons,
Toorn, woede, oordeel of straf. Het motiveert niemand tot een godsvruchtig leven. Het is de liefde van Christus dat die echte motivatie geeft. God is niet veranderd. God was en is en blijft de God van alle genade.

Als u wilt reageren kunt u rechtsonder op 'CONTACT' klikken.

Startpagina // Volgende