U bevindt zich hier: Artikelen Hein de Haan

De Vernietigende Kracht Gods

We zitten nu midden in het onderzoek van de brief aan de Romeinen, waar we weer mee verder gaan.
Romeinen 1: 1 Paulus, afgezonderd tot verkondiging van het evangelie van God,
Romeinen 1: 3 aangaande zijn Zoon,
Romeinen 1: 9 God, die ik met mijn geest dien in het evangelie van zijn Zoon
Paulus wil het in deze brief hebben over het evangelie van God, dat is het evangelie aangaande Zijn Zoon en dan wordt het ook nog eens het evangelie van Zijn Zoon genoemd.
Ik wil jullie nu eerst een globaal overzicht geven van wat we in deze studiereeks verder willen uitdiepen.

Het Evangelie. Een Kracht van God
Romeinen 1: 14 – 17 Van Grieken en niet–Grieken, van wijzen en onwetenden ben ik een schuldenaar. Vandaar mijn bereidheid om ook jullie in Rome het evangelie te brengen. Want ik schaam mij het evangelie niet; want het is een kracht van God tot in redding voor een ieder die gelooft, eerst voor de Jood, maar ook voor de Griek. Want gerechtigheid van God wordt daarin geopenbaard uit geloof tot geloof, gelijk geschreven staat: De rechtvaardige zal uit geloof leven.
Hier hebben we de kern van de brief te pakken. Paulus geeft hier zijn gedrevenheid weer waarom hij dit evangelie van God, aangaande Zijn Zoon, van Zijn Zoon, bekend maakt. Dat evangelie is een kracht. Dat betekent dat op alles wat hoort bij ons oude leven een kracht van God gaat werken.

Een Vernietigende En Opbouwende Kracht
Dat leven van ons wat altijd zelf iets wil presteren staat misschien wel als een rots in de branding. Het lijkt gewoon niet te kunnen wankelen. Maar Gods kracht gaat aan de slag op die rots van eigen prestatie. Je zou het in dat verband wel een vernietigende kracht kunnen noemen. Maar Gods kracht is aan de andere kant ook een geweldige opbouwende kracht in jouw leven. Het doel is dat alleen de Zoon van God in jouw en mijn leven openbaar komt. Daartoe dient die kracht van God.
Datgene wat afgebroken wordt door die kracht van God in het evangelie van Gods Zoon wordt getekend in de eerste drie hoofdstukken van de brief aan de Romeinen. In die hoofdstukken wordt die rots van eigen prestatie voor de aandacht gebracht.

De Niet Joden – Plaatje Van De Huidige Maatschappij
In het eerste hoofdstuk vanaf vers 18 tot aan het eind van het hoofdstuk tekent Paulus de verdorvenheid van de hele heidenwereld, oftewel alle mensen die niet tot het volk Israël behoren. Je zou het zo op de huidige maatschappij kunnen plakken. Paulus toont in die verzen aan hoe ernstig vervallen die maatschappij is geworden. Je hoeft trouwens alleen maar even de televisie aan te zetten en je ziet een bevestiging van dat plaatje. De kracht van God, die het kenmerk is van het evangelie van Gods Zoon laat niets heel van die hele vervallen maatschappij.

De Zogenaamde Moreel Hoogstaande Mens
Daar zit je achter het schermpje en o ja hoor, daar rolt het eerste oordeel uit je mond: ‘Mensen, dit kan toch niet meer! Wat een verdorvenheid! Nee, daar staan wij ver boven. Die mensen moesten nu maar eens aangepakt worden!’ O, o, o, wat zijn wij toch keurig nette mensen naar ons eigen oordeel en dus veroordelen we de ander vanuit onze zogenaamde hoogstaande morele waarden.
Paulus staat naast je en draait zich in hoofdstuk 2 vers 1 om naar jou met je keurig nette morele oordeel en zegt tegen jou:
Romeinen 2: 1 Daarom ben jij, o mens, wie jij ook bent, niet te verontschuldigen, wanneer jij oordeelt. Want waarin jij een ander oordeelt, veroordeelt jij jezelf; want jij, die oordeelt, bedrijft dezelfde dingen.
Die keurig nette mens met al zijn morele oordeeltjes komt in dit tweede hoofdstuk voluit voor het voetlicht. Ook daar wordt die kracht van het evangelie van Gods Zoon toegepast op de zogenaamde moreel hoogstaande mens. Die kracht laat niets heel van die mens.

De Jood – Plaatje Van De Christenheid
Dan heb je ook nog een derde groep die zeggen: ‘Het is toch logisch dat die mensen allemaal de mist ingaan?’ Daar komen ze aanzetten met hun dikke Bijbel onder de arm, hun stevige Staten Vertaling, en ze zeggen: ‘Logisch, ze hebben het Woord van God ook niet. Wij hebben het Woord van God! Wij zijn christelijk! Daar zijn wij mee opgevoed!’ Ook die groep wordt door Paulus aangesproken.

Romeinen 2: 17 - 23 Als jullie je dan Joden laten noemen, steunen op de wet, je beroemen op God, Zijn wil kennen, weten te onderscheiden waarop het aankomt, omdat jullie onderricht in de wet genieten, en je overtuigd houden, dat jullie een leidsman van blinden zijn, een licht voor hen, die in duisternis zijn, een opvoeder van onverstandigen en een leermeester van onmondigen, omdat jullie in de wet de belichaming van de kennis en van de waarheid bezitten, hoe zit dat dan bij jullie, die een ander onderwijzen, onderwijzen jullie jezelf niet? Jullie, die predikken, dat men niet stelen mag, stelen jullie? Die overspel verbieden, bedrijven jullie overspel? Die gruwen van de afgoden, plegen jullie tempelroof? Die je op de wet beroemen, onteren jullie God door jullie overtreden van de wet?

Voorop staat dat we dit natuurlijk in de eerste plaats letterlijk moeten opvatten. Tegenover de heidenen (de niet joden) staat het volk Israël (de joden). Dat is de indeling, die nog voluit werkte in die tijd van het aanbod van het nieuwe verbond, maar die nu binnen het lichaam van Christus is weggevallen.

Deze indeling van Jood en heiden kan je echter ook prima toepassen op de christenheid. Als jij dan zo steunt op jouw goede kennis van de Bijbel. Je beroemt je op God en je vindt dat jij Gods wil kent. Je weet alles zo precies te onderscheiden. Ja, jij hebt het onderwijs van de Bijbel. Je denkt zelfs dat jij echt een goede gids voor blinden bent. Jij bent een licht in deze duisternis. Ja, ook bij deze groep komt die kracht van God, die het kenmerk is van het evangelie van Gods Zoon. Wat doet die kracht Gods? Ook bij deze derde groep is die kracht van God van het evangelie een compleet vernietigende kracht op al die geweldige prestaties van de mens.

Er blijft niets over van de mens in Adam. De door en door verdorven maatschappij, de zogenaamde morele mens en de godsdienstige mens. De kracht van het evangelie laat er niets van heel. Hoezo laat die daar niks van heel? Omdat die mens in Adam met Christus gestorven is en daardoor dus nu feitelijk dood is. Het leven is nu in Christus!
2 Corinthiërs 5:15 We houden het ervoor dat, aangezien één voor allen gestorven is, zij dus allemaal gestorven zijn;

In het volgende hoofdstuk bekijken we de andere kant van die kracht van het evangelie.

Als u wilt reageren kunt u rechtsonder op 'CONTACT' klikken.

Startpagina // Volgende