U bevindt zich hier: Artikelen Hein de Haan

Christus Is Opgestaan

Het evangelie is aangaande de Zoon. De Zoon is niet alleen de dood ingegaan, maar de Vader heeft Hem daar ook uit opgewekt met alle grandioze gevolgen van dien.

Romeinen 4: 24 – 25 God heeft Jezus, onze Heer, uit de doden opgewekt, die is overgeleverd om onze overtredingen en opgewekt om onze rechtvaardiging.
We mogen weten dat de Heer is opgewekt tot onze rechtvaardiging.

Jij staat nu voor een heilig God als een volkomen rechtvaardig mens. Ik sta voor God als een rechtvaardig mens. Hoe kan dat? Doordat de Heer Jezus niet in het graf is gebleven maar na drie dagen door de Vader is opgewekt. Christus is van tussen de doden uit levend geworden. Alle andere doden zijn achter gebleven in het graf. Maar de Zoon van God is echt opgestaan.

Direct bij de start van de Romeinenbrief wordt gelijk al een duidelijke verklaring door Paulus afgelegd van deze opstanding van de Heer Jezus.
Romeinen 1: 4 naar de geest der heiligheid door Zijn opstanding uit de doden verklaard Gods Zoon te zijn in kracht, Jezus Christus, onze Heer,
Bij de opstanding uit de doden is dus het bewijs geleverd dat Christus Gods Zoon is in kracht.

De Heer Jezus had bij Zijn rondwandeling op aarde al gezegd dat Hij macht heeft Zijn leven af te leggen en het wederom op te nemen (Johannes 10: 18). We kijken er nogal eens verkeerd tegenaan. Dan hebben we de indruk dat Hij door de Romeinen en de Farizeeën en Schriftgeleerden krachtdadig naar dat kruis geleid is. Hij had macht om Zijn leven af te leggen. Hij heeft het dus vrijwillig overgegeven.

Wat ik hier schrijf betreft dus de verhouding Zoon van God t.o.v. de aardse overheden. Er wordt door sommige leraren soms ook een onafhankelijk handelen van God, de Vader, uit geconcludeerd. Ikzelf denk dat die conclusie geheel ten onrechte is. Romeinen 4: 24-25 getuigt al totaal het tegenovergestelde. De Vader heeft de Zoon opgewekt. Punt uit. Maar ten opzichte van de mensen hier op aarde was Zijn werk eentje van vrijwillige overgave.

Het was dus de bewuste keuze van onze Heer om de dood in te gaan. Als de Heer dit niet zo gewenst had, dan hadden de mensen daar geen enkele invloed op gehad. Toen Judas samen met die hele groep soldaten Hem opzochten, vroeg de Heer: ‘Wie zoeken jullie?’ Ze maakten Hem dat bekend en wat zei de Heer toen in Johannes 18: 6? Hij zei: ‘Ik ben (het)’. Letterlijk was dat de naam Yahweh. Het gevolg was dat al die soldaten pal achterover vielen. Deze mensen hadden geen enkele macht om Hem te grijpen. Ze konden niets uitrichten tegen de God, die Zich in de Zoon openbaarde. Nee, Hij heeft Zich vrijwillig in de dood overgegeven.

Het was Zijn grote liefde voor de mensheid die Hem dreef om die weg naar het kruis te gaan. Hij houdt zo ontzaglijk veel van jou en van mij. Dat bewees Hij door naar dat kruis op Golgotha te gaan. Het was beslist geen overmacht wat Hem daar overkwam. Nee, Hij had jou en mij en de hele mensheid op het oog toen Hij die weg ging naar het kruis.

Als echter het werk op het kruis het enige was geweest wat Hij gedaan had, dan had ik nooit zekerheid gehad dat mijn oude leven ook echt de dood in was gegaan. Ik had nooit of te nimmer geweten of dit werk van Christus door God was aangenomen als Hij in de dood was gebleven. Maar nu is door Zijn opstanding uit de doden verklaard dat Hij Gods Zoon is in kracht.

Romeinen 4: 25 die [Christus] is overgeleverd om onze overtredingen en opgewekt om onze rechtvaardiging.
Christus is opgestaan van tussen de doden uit en dat was om jou en mij tot rechtvaardigen te maken. Dit facet van het werk van Gods genade draait helemaal om onze rechtvaardige praktijk. Het heerlijke feit dat Christus is opgestaan van tussen de doden uit is nu de krachtbron waardoor wij nu een rechtvaardige wandel hier op deze aarde openbaren. Ook mijn rechtvaardige wandel op aarde is dus volledig uit genade alleen omdat ik nu een opgestane Heer als mijn leven mag kennen.

Als u wilt reageren kunt u rechtsonder op 'CONTACT' klikken.

Startpagina // Volgende