U bevindt zich hier: Artikelen Hein de Haan

Geen Andere Leer

1 Timotheus 6: 3 – 4 Indien iemand een andere leer verkondigt en zich niet voegt naar de gezonde woorden van onze Here Jezus Christus en de leer der godsvrucht, dan is hij opgeblazen,

Wow, dat is nogal ferme taal.
Het is wellicht iedereen inmiddels opgevallen dat ik het allerliefst het blijde nieuws in al zijn heerlijke facetten voor de aandacht breng zonder de neiging te hebben om onderwijs aan te vallen dat een andere kant opgaat. Dat wil ikzelf het liefst ook zo houden.
Toch is er veel verwarring over de gezonde leer. Zonder een aanval te willen openen op gelovigen die andere opvattingen hebben wil ik proberen helder neer te zetten wat het blijde nieuws van God voor deze tijd is en hoe Gods genade in onze tijd functioneert.

Dit artikel is de start van een nieuwe serie die ik ‘de huishoudingen van God’ noem. Veel verwarring ontstaat namelijk doordat men de diverse huishoudingen van God niet onderscheidt. We leven nu in de huishouding van het geheimenis (Efeze 3: 3, 4, 6 & 9). Deze huishouding van God heeft specifieke eigen kenmerken die duidelijk verschillen met de kenmerken van andere huishoudingen van God. In deze serie wil ik een poging wagen om die verschillen helder voor het voetlicht te plaatsen, zodat er wat duidelijkheid ontstaat.

De boodschap betreffende het geheimenis is specifiek aan Paulus toevertrouwd. Het is een boodschap dat in al de voorafgaande tijdperken, oftewel aionen, totaal onbekend was.
Titus 1: 1 – 3 Paulus, een dienstknecht van God, een apostel van Jezus Christus, naar het geloof der uitverkorenen Gods en de erkentenis van de waarheid, die naar de godsvrucht is, in de hoop des eeuwigen levens, dat God, die niet liegt, voor eeuwige tijden beloofd heeft, terwijl Hij te zijner tijd zijn woord heeft openbaar gemaakt in de verkondiging, die mij is toevertrouwd in opdracht van God, onze Heiland:
Efeze 3: 9 en in het licht te stellen wat
de bediening van het geheimenis inhoudt, dat van eeuwen her verborgen is gebleven in God, de Schepper van alle dingen,
Col 1:26
het geheimenis, dat eeuwen en geslachten lang verborgen is geweest, maar thans geopenbaard aan zijn heiligen.

Het probleem is dat in de voorafgaande periodes dat dit blijde nieuws verborgen is gebleven er wel degelijk blij nieuws van God was. Men leest dat blijde nieuws en eigent dat zich toe zonder op de adressering van dat blijde nieuws te letten.
De huishouding van het geheimenis valt geheel in de tijdsperiode waarin wij nu leven. Het Lichaam van Christus, waarvan Christus het Hoofd is, is de geadresseerde van het blijde nieuws in die huishouding. Wij, in onze tijd, zijn degenen die tot dat Lichaam behoren. Alles wat aan dit Lichaam geadresseerd is heeft dus direct op ons betrekking.

Wat is nu precies de verwarring die helaas optreedt doordat we niet op de letterlijke adressering letten? De gevolgen zijn vele. Alles uit andere huishoudingen van God passen we dan zomaar op ons praktisch leven toe. Het heeft een direct falen in ons geestelijk leven tot gevolg omdat God aan ons de beloften die Hij aan Zijn volk Israël doet niet zal waarmaken. We rekenen dan op beloften die wel degelijk ingelost zullen worden maar dan wel bij de geadresseerde. Bij ons worden ze niet ingelost omdat ze nooit aan ons geadresseerd waren. We krijgen ook geen zicht op onze hoge hemelse positie als we onze aandacht op de aardse positie in andere huishoudingen richten alsof wij daarmee aangesproken worden.

Laat ik man en paard noemen om alvast een indruk te geven waar we de mist in kunnen gaan. Wij worden aangesproken in de late brieven van Paulus die letterlijk handelen over de huishouding van het geheimenis. Ik zal enorm in verwarring raken als ik dan tevens de wet van Mozes op mijn leven probeer toe te passen, of als ik me onder de zaligsprekingen stel. Misschien is dit nog te volgen voor velen, maar ook wanneer ik het Pinkstergebeuren letterlijk op mijzelf zal toepassen, zal ik in geestelijke verwarring komen. De reden is omdat de Bijbel duidelijk aangeeft dat wij als Lichaam van Christus niet aangesproken worden.
Handelingen 2: 14 Maar Petrus stond met de elven op, en hij verhief zijn stem en sprak hen toe: Jullie Joden en allen, die te Jeruzalem woonachtig zijn,
Handelingen 2: 22
Mannen van Israel, hoort deze woorden:
Handelingen 2: 29
Mannen broeders,
Handelingen 2: 36 Dus moet ook
het ganse huis Israels zeker weten,
Handelingen 2: 39 Want
voor u is de belofte en voor uw kinderen en voor allen, die verre zijn,
Handelingen 2: 40 Laat u behouden uit
dit verkeerde geslacht.
Handelingen 3: 12 En Petrus zag het en antwoordde het volk:
Mannen van Israel,
Handelingen 3: 13 De God van Abraham en Izaäk en Jakob, de God
onzer vaderen,
Handelingen 3: 17 En nu,
broeders,
Handelingen 3: 22 Mozes toch heeft gezegd: De Here God zal u een profeet doen opstaan uit
uw broeders,
Zo gaat dat in Handelingen voortdurend verder. De adressering is een andere huishouding van God.

Deze serie wordt geen aanval op andersdenkenden. Juist wanneer we zicht hebben op de onderscheiden die er liggen tussen de diverse huishoudingen, dan weten we ook van de eenheid van het Lichaam die een feit is (Efeze 4: 4). De eenheid is een feit ook als er verschillende visies zijn. Waar genade heerst zal Gods genade ons altijd vanuit die eenheid doen handelen.

Deze serie is bedoeld om helderheid te verschaffen over Gods plan in deze tijd. Ik hoop jou daarmee te mogen dienen.

Als u wilt reageren kunt u rechtsonder op 'CONTACT' klikken.

Startpagina // Volgende