U bevindt zich hier: Artikelen Hein de Haan

Vijf Gaven Van Genade

Efeze 4: 11 En Hij heeft zowel apostelen als profeten gegeven, zowel evangelisten als herders en leraars,
We gaan in de Bijbel kijken welke gaven de Heer gebruikt in de huishouding van genade waar wij nu heden ten dage deel van uitmaken. Het is dus een zeer actuele en praktische studie.

In Efeze 4:11 Noemt Paulus Vijf Gaven:
1/
Apostelen
2/ Profeten
3/ Evangelisten
4/ Herders
5/ Leraars
Dit zijn de gaven die gegeven zijn aan het Lichaam van Christus met deze speciale taak: "Het repareren oftewel herstellen en verder toebereiden van de heiligen".
Efeze 4: 12 om de heiligen toe te rusten tot dienstbetoon, tot opbouw van het lichaam van Christus,
De opgestane en verheerlijkte Heer in de hemel heeft een grandioos plan met Zijn Lichaam. Kom, duik mee in de Bijbel zelf. Ga mee op speurtocht om te ontdekken hoe de Heer zelf Zijn Lichaam opbouwt en toerust tot in dienstbetoon.

Heel Persoonlijke Genade
Nadat Paulus in Efeze 4:3 t/m 6 de zeven kenmerken heeft opgesomd van wat we collectief als Lichaam van Christus bezitten: 'de eenheid van de Geest', springt Paulus in vers 7 over naar het puur individuele cadeau dat jij en ik ontvangen hebben: 'genade'. Hij luidt deze sprong nadrukkelijk in met het simpele woordje 'Maar'.
Efeze 4: 7 Maar aan een ieder onzer afzonderlijk is de genade gegeven, naar de mate, waarin Christus haar schenkt.

Christus Deelt Uit
Het is de opgestane en verheerlijkte Heer die hier dit grote cadeau aan een ieder van ons uitdeelt.
Paulus spreekt hier niet over 'Charisma's' die hier door de Heilige Geest uitgedeeld worden zoals we die in Romeinen en Korinthe onder de vroegere bediening van Paulus, onder het Nieuwe Verbond, tegenkomen.
Paulus spreekt hier ook niet over de bekwaamheden die de vernederde Heer in Mattheus 10 aan Zijn discipelen schonk.
Nu zitten wij in de huishouding van Gods genade, waarvan Paulus de huishouder is.
Efeze 3: 2 Gij hebt immers gehoord van de huishouding van Gods genade mij [Paulus] met het oog op u gegeven:
Dat is de huishouding van het geheimenis waar wij nu deel van uitmaken.
Efeze 3: 9 en in het licht te stellen wat de huishouding van het geheimenis inhoudt, dat van eeuwen her verborgen is gebleven in God, de Schepper van alle dingen,
We hebben nu dus te maken met de genade waardoor de verheerlijkte Heer Zijn werk (Zijn dienstbetoon) in jou en mij wil uitwerken.

Christus Meetlat
Efeze 4: 7 Aan ieder van ons is genade gegeven, naar de mate, waarin Christus haar schenkt.
De genade waar wij nu tegenwoordig dus deel aan hebben is dus letterlijk in overeenstemming met de meetstok, of de afmeting van het geschenk van de Christus. De werkzame genade in jou en mij is dus in overeenstemming met een bepaalde afmeting. We hoeven niet in het duister te tasten welke afmeting dat dan wel zal zijn.
Efeze 4: 13 totdat wij allen de eenheid van het geloof en van de volle kennis van de Zoon Gods bereikt hebben, de mannelijke rijpheid, de maat van de wasdom der volheid van Christus.
Hier vinden we het einddoel van die dienstbaarheid. Hier wordt dus die maat helder en duidelijk genoemd, namelijk: "De maat van de wasdom van de volheid van Christus". Een hele mond vol, maar t.z.t. ga ik er uitvoerig op in.

Het Einddoel
De opgestane en verheerlijkte Heer werkt toe naar die volheid. Dat is het einddoel van Gods plannen in onze tijd. Met het oog op dat einddoel heeft die Christus ons nu ieder afzonderlijk dit geweldige geschenk gegeven: 'Genade'. Geen regels, geen uiterlijke handelingen, geen wet in ons hart geschreven maar genade.

Daarom Heet Het
Efeze 4: 8 Daarom heet het: opgevaren naar den hoge voerde Hij krijgsgevangenen mede, gaven gaf Hij aan de mensen.
Paulus citeert hier uit de Psalmen
Psalm 68: 18 Gij zijt opgevaren naar den hoge; Gij hebt gevangenen meegevoerd; Gij hebt gaven in ontvangst genomen onder de mensen,
Dit citaat gebruikt Paulus om het doel van Christus vernedering en verhoging voor de gelovigen in de huishouding van genade nu aan te geven. Het citaat in vers 8 plus de toepassing in vers 9 & 10 werkt Paulus later in Filippi 2:5-11 nog dieper uit. Hij zet hier geen zwaar theologisch bouwwerk neer over het dodenrijk.
Paulus begint zijn citaat met het woordje: "Daarom". Hij citeert hier dus deze psalm met het oog op het geschenk van genade.

Het is genade en genade alleen waardoor Christus nu tegenwoordig via de gaven in ons werkt. Daartoe is Hij opgevaren naar de hoge. Wat dat voor praktische consequenties voor ons heeft zal in het volgende artikel duidelijk worden.

Als u wilt reageren kunt u rechtsonder op 'CONTACT' klikken.

Startpagina // Volgende