U bevindt zich hier: Artikelen Hein de Haan

Vervullingen In Mattheus

Mattheus 1: 22 Dit alles is geschied, opdat vervuld zou worden hetgeen de Here door de profeet gesproken heeft, toen hij zei:

Onder de vier Evangelisten springt Mattheus er behoorlijk uit betreffende vervullingen van profetieën. Onze tekst hier is natuurlijk de eerste.

2/ Mattheus 2: 5 – 6 Zij zeiden tot hem: Te Betlehem in Judea, want aldus staat geschreven door de profeet: En gij, Betlehem, land van Juda, zijt geenszins de minste onder de leiders van Juda, want uit u zal een leidsman voortkomen, die mijn volk Israël weiden zal.
3/ Mattheus 2: 14 – 15 Hij [Jozef] stond op en hij nam in de nacht het kind en zijn moeder en week uit naar Egypte, en daar bleef hij tot de dood van Herodes, opdat vervuld zou worden hetgeen de Here door de profeet gesproken heeft, toen hij zei: Uit Egypte heb Ik mijn Zoon geroepen.
4/ Mattheus 2: 17 – 18 Toen werd vervuld het woord, gesproken door de profeet Jeremia, toen hij zei: Een stem is te Rama gehoord, geween en veel geklaag: Rachel, wenend om haar kinderen, weigert zich te laten troosten, omdat zij niet meer zijn.
5/ Mattheus 3: 3 Hij [Johannes de doper] toch is het, van wie door de profeet Jesaja gesproken werd, toen hij zei: De stem van een, die roept in de woestijn: Bereidt de weg des Heren, maakt recht zijn paden.
6/ Mattheus 4: 13 – 16 En Hij verliet Nazaret en ging wonen te Kafarnaum, aan de zee, in het gebied van Zebulon en Naftali, opdat vervuld zou worden het woord, door de profeet Jesaja gesproken, toen hij zei: Het land Zebulon en het land Naftali, aan de zeeweg, over de Jordaan, Galilea der heidenen: het volk, dat in duisternis gezeten is, heeft een groot licht gezien, en voor hen, die gezeten zijn in het land en de schaduw des doods, is een licht opgegaan.
7/ Mattheus 8: 16 – 17 Toen het nu avond werd, bracht men vele bezetenen tot Hem; en Hij dreef de geesten uit met zijn woord en die ernstig ongesteld waren genas Hij allen, opdat vervuld zou worden, hetgeen gesproken werd door de profeet Jesaja, toen hij zei: Hij heeft onze zwakheden op Zich genomen en onze ziekten heeft Hij gedragen.
8/ Mattheus 11: 10 Deze [Johannes de doper] is het, van wie geschreven staat: Zie, Ik zend mijn bode voor uw aangezicht uit, die uw weg voor U heen bereiden zal.
9/ Mattheus 12: 16 – 21 en Hij verbood hun ten strengste Hem bekend te maken, opdat vervuld zou worden het woord, gesproken door de profeet Jesaja, toen hij zei: Zie, mijn knecht, die Ik verkoren heb, mijn geliefde, in wie mijn ziel een welbehagen heeft; Ik zal mijn Geest op Hem leggen en Hij zal de heidenen het oordeel verkondigen. Hij zal niet twisten of schreeuwen, en niemand zal op de pleinen zijn stem horen. Het geknakte riet zal Hij niet verbreken en de walmende vlaspit zal Hij niet uitdoven, voordat Hij het oordeel tot overwinning heeft gebracht. En op zijn naam zullen de heidenen hopen.
10/ Mattheus 13: 13 – 14 Daarom spreek Ik tot hen [het volk] in gelijkenissen, omdat zij ziende niet zien en horende niet horen of begrijpen. En aan hen wordt de profetie van Jesaja vervuld, die zegt: Met het gehoor zult gij horen en gij zult het geenszins verstaan, en ziende zult gij zien en gij zult het geenszins opmerken;
11/ Mattheus 13: 34 – 35 Dit alles zei Jezus in gelijkenissen tot de scharen en zonder gelijkenis zei Hij niets tot hen, opdat vervuld zou worden het woord, gesproken door de profeet, toen hij zei: Ik zal mijn mond opendoen met gelijkenissen, Ik zal verkondigen wat sinds de grondlegging der wereld verborgen gebleven is.
12/ Mattheus 21: 4 – 5 Dit is geschied, opdat vervuld zou worden hetgeen gesproken is door de profeet, toen hij zei: Zegt der dochter van Sion: Zie, uw Koning komt tot u, zachtmoedig en rijdend op een ezel, en op een veulen, het jong van een lastdier.
13/ Mattheus 22: 43 – 44 Hij zei tot hen: Hoe kan David Hem dan door de Geest zijn Here noemen, als hij zegt: De Here heeft gezegd tot mijn Here: Zet U aan mijn rechterhand, totdat Ik uw vijanden onder uw voeten gelegd heb.
14/ Mattheus 26: 31 Toen zei Jezus tot hen: Gij zult allen aan Mij geërgerd worden in dezen nacht; want er is geschreven: Ik zal den Herder slaan, en de schapen der kudde zullen verstrooid worden.
15/ Mattheus 27: 9 – 10 Toen werd vervuld hetgeen gesproken is door de profeet Jeremia, toen hij zeide: En zij namen de dertig zilverlingen, de geschatte waarde van de geschatte, die zij geschat hadden van de kinderen van Israël, en gaven die voor het land van de pottenbakker, gelijk de Here mij had opgedragen.

Als u wilt reageren kunt u rechtsonder op 'CONTACT' klikken.

Startpagina // Volgende